Uit de Pers ! Leeuwarder Courant 8 oktober 2016

08
Okt
2016

Hete soep: Het goede van vroeger

B88312625Z.1_20161007150938_000+GAUBU0B4.1-0

Decennialang was De Friesche Club in Leeuwarden een gesloten bolwerk voor niet-leden van de gelijknamige biljartclub. Wie er als buitenstaander langs liep, zag dat het binnen gezellig was, maar wat er nou precies gebeurde …

Tegenwoordig is dat anders. Het pand aan het Ruiterskwartier is tijdens de zomer van 2015 verbouwd; er is een nieuwe entree en de bar en keuken zijn gemoderniseerd. De nieuwe pachters, Marcel en Carla Meijer, wilden het opener en meer gericht op de stad.

Dus kun je er nu naar binnen kijken en is de voorzaal openbaar. Het is een grand café geworden waar iedereen kan eten. Van maandag tot en met zaterdag van 12 tot 24 uur kun je er terecht voor lunch, borrel of diner. De rode loper is letterlijk uitgerold. Hoog tijd voor Hete Soep om hier een keer aan te schuiven.

Het historische meubilair is gelukkig behouden. De robuuste stoelen in het grand café stammen uit 1931. ,,Hoeveel geheimen zou deze stoel kennen?’’, vraagt mijn tafelgenoot zich af. Aan de muren prijken oude foto’s van Leeuwarden en De Friesche Club, bijvoorbeeld van de openingswedstrijd in 1916. De hele entourage draagt zo bij aan de nostalgische sfeer van weleer.

Ook de stamtafel uit die tijd staat er nog steeds. Vroeger mochten hier alleen bestuursleden en prominenten zitten. Andere leden mochten blij zijn dat ze op de tweede rij werden geduld; deelnemen aan het gesprek was niet toegestaan.

Vanavond is deze tafel aanvankelijk leeg. De loungehoek is wel gevuld; vier oudere heren zitten in de banken aan het bier met bitterballen, na hun wekelijkse potje biljart. In onvervalst Liwwadders nemen ze de laatste nieuwtjes door.

De menukaart, met vijf voor- en acht hoofdgerechten, biedt voornamelijk klassiekers als schnitzel, gehaktbal, biefstuk en ‘Friesche stoofschotel’. Daarnaast is er een wisselend tweegangen-weekmenu (12,95 euro), met naar keuze een voor- en hoofdgerecht of een hoofdgerecht en een dessert.

Wij bestellen elk het driegangen-keuzemenu (22,50 euro). Het trio van vis (gerookte zalm, forel en gamba’s met limoenmayonaise) op een bedje van tagliatelle aan de overkant blijkt een goede keuze. ,,Eenvoudig maar smaakvol. En in de pasta zit een pepertje, lekker’’, klinkt het.

Het door mij gekozen gerookte buikspek is aan de zoute kant maar met de erbij geserveerde rode-uienchutney is het een prima combinatie. De zoete aardappelpuree is minder geslaagd; uiterlijk en smaak wekken Olvaritachtige associaties op.

Lyrisch is mijn gezelschap over zijn hoofdgerecht: bavette met roze pepertjes. Dit is een ‘vergeten’ vleessoort dat bezig is aan een opmars. Het stukje rund is afkomstig uit de zogeheten vang, een stuk ‘werkvlees’ aan de onderkant van de koe, en wordt ook wel vanglap genoemd. ,,Doordat het hard heeft moeten werken, heeft het een wat grovere structuur, maar des te meer smaak’’, weet hij. Goed gebakken en zeer smaakvol, luidt zijn oordeel.
B88312625Z.1_20161007150938_000+GAUBU00M.1-0

Mijn victoriabaarsfilet heeft minder smaak, maar de lekker pittige gorgonzola-champignonsaus maakt dat goed. Dat de borden niet verwarmd zijn, vinden we een misser; het eten koelt erg snel af.

Groenten hebben – zoals bijna overal – een ondergeschikte rol. De bavette wordt weliswaar geserveerd met wat boontjes, spruitjes en peen, maar behalve de schaaltjes sla zit er geen groen bij. Wel twee soorten koolhydraten: friet met iets te zoete frietsaus, en te donker gebakken krieltjes.

De flinke bellen rode (een Chileense cabernet sauvignon) en witte (chardonnay-sauvignon blanc) huiswijn zijn goed op temperatuur en de wijn-spijscombinatie is top: de frisse droge witte is een prima begeleider van de baars terwijl de rode en de bavette ook goed samen door één deur kunnen.

Als we nog met het hoofdgerecht bezig zijn, verschijnt de gastheer met de dessertkaart. We hebben aangegeven beperkt de tijd te hebben, dus vraagt hij ons alvast een keuze te maken voor het nagerecht, zodat de keuken aan de slag kan. ,,Ik wil niet aandringen, maar gezien de tijd …’’ Attent.

Terwijl we wachten op het toetje, werpen we een blik in de prachtige ovale biljartzaal: in 1801 (!) gebouwd als toneelzaal, de voorloper van De Harmonie, en sinds 1915 in gebruik bij de Friesche Billard Club. ,,Schitterend!’’, vindt mijn disgenoot die hier niet eerder was.

Weldra worden de nagerechten geserveerd: vanille-ijs met advocaat voor de een, een wentelteef van suikerbrood met slagroom en boerenjongens voor de ander. Een beetje ouderwets, maar dat is precies wat je hier verwacht.

De stamtafel zit inmiddels vol; met keurig uitziende heren in witte overhemden en zwarte giletjes. En in de loungehoek wordt het steeds gezelliger. ,,Ik mut binnenkort oek foar Alzheimer kollekteare. Nou, must niet fergete dan’’, horen we alvorens er een lachsalvo uitbarst. Een tafereel van alle tijden hier, vermoeden wij.

Het valt te prijzen dat de nieuwe uitbaters De Friesche Club openstellen voor een breed (uitgaans)publiek. Geen moderne fratsen hier, maar simpele en degelijke kost in royale porties met een goede prijs-kwaliteitverhouding. Als de Club dit authentieke karakter behoudt, dan komen de mensen wel.
B88312625Z.1_20161007150938_000+G3UBTS4Q.1-0

Leeuwarder courant 8-10-2016 door Ines Jonker

No Comments

Geef een reactie